De vrolijke vier seizoenen

Voor Anna’s eerste verjaardag kochten we een boek van Vos en Haas. Ze was te jong toen, voor dat boek, maar het werd al snel een vaste waarde dat boek. Intussen let ze meer op de details en lukt het niet meer om een bladzijde over te slaan (ja, ik doe dat soms om er rap vanaf te zijn)

Voor Anna’s tweede verjaardag kreeg ze van ons opnieuw een boek; De vrolijke Vier Seizoenen van Rotraut Susanne Berner. Zalig boek! Een beetje zoals “Waar is Wally”, met heel veel tekeningen en details. Sommige personages komen vaak terug (zoals Mingus de poes) en die kan je dan gaan zoeken. We kijken er erg vaak in en Anna kan er zich ook gewoon in haar eentje mee amuseren. Ik heb zo het gevoel dat dat boek nog heel lang gaat meegaan.

Gedichtendag vandaag

Mats

je zadelt mijn rug en sterk
rijden we een nieuwe ochtend in

meesterlijk, vanuit de hoogte, kies je
het golvend landschap voor je dag

jij, de uitvinder van de kleine glimlach
en van de ernst, als je waakt over onze vissen

in bad warmen we samen het water
en geven het aan kapiteins en matrozen

een lied en het schoonschrift word je,
ik de plek om stem en papieren te bewaren

je bent de tekening en het krijt
meer dan ik uit mij verwachtte

mijn voorraad ben je elke dag
je houdt mij op de wereld

vandaag gelezen op een poster in de bieb.

uit Roel Richelieu Van Londersele, “Tot zij de wijn is”, p.50, Atlas

Mondje open/mondje toe

Als ik gewoon neutraal kijk, durven de mensen nogal eens denken dat ik boos ben. Ik kan er ook niet aan doen, ik heb een norse uitdrukking, terwijl ik inwendig best wel content ben.

Anna heeft ook zoiets. Als ik haar op het overwachts probeer te fotograferen, is er altijd weer dat open mondje. Ze is niet dwaas, maar ziet er dwaas uit dan.

psĀ  Ze heeft dat dus echt niet van mij. Wie mij niet wil geloven moet er de schoolfoto’s van de vader, de nonkel en de tante eens bijnemen. Allemaal mondje open.